Heldhaftige pioniers doorkruisen barre polder

Op 14 april jl. kroop de Hollandse pioniersgeest in het Tour Culinair peloton toen een uitverkoren groepje van dertig renners voor dageraad naar het middelpunt van de voormalige zeebodem trok, beter bekend als Emmeloord. Op de vettige zeeklei van de Noordoostpolder zouden de renners hopelijk het fondament leggen voor een glorieus Tour Culinair seizoen.

Ja, sommige renners zweetten die 14e april al vóórdat ze hun ranke wielerschoentjes in pedalen hadden geklikt! Eerst een stukje geschiedenis. Wist een van jullie dat bij de inrichting van de Noordoostpolder (NOP) de fietsafstand het uitgangspunt was? Deze inrichting was gebaseerd op de centrale-plaatsentheorie van de Duitse econoom en geograaf Christaller die dat in 1933 bedacht. Toen na WO II planologen het op de zee buitgemaakte land intekenden, gingen ze uit van één centrale plaats (Emmeloord) en stervormige, liniaalrechte verbindingswegen naar tien kleinere dorpen op fietsafstand. Zo’n kaarsrechte fietspolder is natuurlijk met de beste bedoelingen bedacht door de planologen uit die tijd, maar het is een mentale ‘tour de force’ voor pedaleurs die de geitenpaden van de Alpen en de strade bianche van Toscane gewend zijn! Zou het peloton zich vertillen aan deze Hel van het Noordoosten? “Drie keer links en dan weer thuis” lachten sommige renners als een polderboer met kiespijn.

De start was zoals gezegd in Emmeloord, en wel bij Hotel Restaurant Grandcafé ’t Voorhuys, het bedrijf van Twan Hakvoort en zijn Renée. Over pioniers gesproken:

deze twee ruilden zeven jaar geleden hun onbezorgde bestaan op Bali in voor een ongewis avontuur in de NOP. In die korte tijd hebben zij het Voorhuys uitgebouwd tot een miljoenenbedrijf. Eerst kwam er een grand café dat onmiddellijk doorstootte naar de hoogste regionen van de Café Top 100, en kortgeleden openden de twee een gloednieuwe hotelvleugel. Hun bedrijf gonst – op sommige plekken letterlijk - van de energie.

Zwarte handschoen op het wegdek

Op deze magische locatie aan de voet van de onheilspellende Poldertoren, zou het peloton dan het TC-seizoen openen. Na de traditionele ontvangst met koffie-en-koek en een warm welkom door voorzitter Richard Francke, vertrok het selecte groepje om stipt 10.00 uur. Buiten vroor het schier, de voorjaarszon straalde koude zonnestralen. Sommige renners deden nog gauw een extra jasje aan. Eén onverschrokken figuur stapte zonder beenstukken op. Terwijl de dappere pioniers het behouden Huys verlieten, wakkerde de Noordoostenwind aan en blies fijne wolkjes kleistof over de kurkdroge akkers. Even buiten Emmeloord lag op het wegdek een zwarte handschoen naast een grote plas half gestold bloed. Een luguber omen, vermoedelijk afkomstig van een gevallen lotgenoot.

Het eerste uur onderhield het peloton een hoog tempo. Op die manier hielden de renners het vege lijf warm. Er werd weinig gesproken. Wie kon verschool zich in de buik van het peloton tegen de schrale Noordooster. Gelukkig leidde de route zuidwaarts richting het zwarte water van het Ramsdiep. Daarna boog het peloton af naar het oosten, over de dijk, de wind schuin op kop. De sterksten nestelden zich nu vooraan. Daaronder een onbevreesde vrouw, genaamd Marlies Vlek. Deze bleek over een roestvrijstalen conditie te beschikken, opgedaan door vele uren van noeste trainingsarbeid in de donkere wintermaanden en alles voor een goed doel, namelijk deelname aan de Tour for Life in augustus van dit jaar (sponsor Marlies op www.tourforlife.nl) . Zij leidde het selecte groepje richting de veilige haven van Blokzijl.

Onthoofd

Aan de havenkolk in Blokzijl aangekomen bleek het grootste leed geleden. De zon had inmiddels aan kracht gewonnen en de gezichten van de renners klaarden op. Ze lieten zich de koffie-met-appeltaart bij het prins Mauritshuis goed smaken. Waarna eigenaar en Tourvriend Alko Tolner trots een rondleiding gaf door de schitterend verbouwde zaak. Hij en zijn partner Annemarie hebben werkelijk alles opgeknapt aan het rijksmonument. Een nieuwe serre aan de havenkolk, een compleet nieuwe super efficiënte keuken, een restyling van het grand café en als klap op de vuurpijl The Oranje Room in het voormalige weeshuis. Bij die laatste verbouwing is het plafond weggebroken en werden de eeuwenoude muren en het houten tongewelf blootgelegd. Het geeft The Orange Room een unieke sfeer. Aan die historische muur hangt nu een levensgroot portret van Prins Maurits van Oranje. Jullie weten wel: dat is de man waaraan Blokzijl zijn stadsrechten te danken heeft (en die Johan van Oldenbarnevelt liet onthoofden).

Na deze tussenstop was het groepje renners gereed voor de laatste kilometers terug naar Emmeloord. Die werden met de wind schuin achter in een vloek en een zucht volbracht. Een barre pionierstocht door de polder werd een triomftocht van volharding.

Daarna waren er de traditionele Vedetten, bitterballen, haring, douche en driegangenlunch.

Tussen de gangen presenteerde het regiocomité Zuid, bestaande uit Wim Cox en Harpert van Seggelen de plannen voor het Tour Culinair Weekend op 22, 23 en 24 juni. Onder het motto ‘grensoverschrijdend genieten’ zal het peloton drie dagen genieten van het heuvelachtige landschap in Limburg, Duitsland én België. ”Jullie moeten wel trainen,” waarschuwde mede-organisator Wim Cox. Maar in de ogen van de renners las je: Zuid-Limburg? Makkie.